Zingevingsvragen in de zorg 2560x1812

Zingevingsvragen in de zorg: 3 inzichten voor zorgverleners

“Waarom overkomt mij dit?” 

“Doe ik er nog toe?” 

“Heeft mijn leven nog zin?” 

Als zorgverlener kan je vragen krijgen waarop je geen eenvoudig antwoord hebt. Zeker bij een ernstige ziekte, verlies of het levenseinde kunnen vragen over zingeving naar boven komen. 

Wat zeg je dan? Moet je een antwoord geven? En is praten over zingeving niet eerder iets voor een pastor? 

Katrien Cornette werkt al 25 jaar rond zingeving en spiritualiteit. Ze is pastor bij Zorggroep Sint-Kamillus Bierbeek en freelance vormingswerker rond spiritualiteit en goede (zelf)zorg. Doorheen de jaren leerde ze vooral dat je niet altijd een oplossing moet zoeken. Soms begint goede zorg met tijd maken, luisteren en ruimte geven aan het verhaal van de andere. 

1. Niet elke vraag moet opgelost worden

Zorgverleners zijn vaak doeners. Ze zien een probleem en willen helpen. Dat is een belangrijke kwaliteit, maar bij zingevingsvragen werkt dat niet altijd. 

Sommige vragen hebben geen duidelijk antwoord. 

Wanneer iemand zich afvraagt waarom hij ziek is geworden of welke betekenis zijn leven nog heeft, kan je daar niet altijd een antwoord op geven. Wat je wél kunt doen, is bij die persoon blijven en ruimte geven aan die vragen.

Volgens Katrien zijn drie dingen belangrijk: 

A.Maak tijd. 

Tijd maken betekent niet alleen dat je veel tijd moet hebben. Ook in een drukke werkdag kan een kort moment waardevol zijn. Het gaat er vooral om dat je echt aanwezig bent: even stoppen met wat je doet, met volle aandacht luisteren en verbinding maken met de persoon tegenover je. Ga even zitten, geef ruimte aan wat er gezegd wordt en laat voelen: ik ben hier en ik luister naar jou.

B. Luister en durf doorvragen.

Ga moeilijke vragen niet uit de weg. Je hoeft niet onmiddellijk een antwoord te hebben. Eenvoudige vragen kunnen helpen om beter te begrijpen wat iemand bedoelt: “Wat betekent dat voor u?” of “Kan u daar iets meer over vertellen?” 

C. Fouten maken mag. Blijf authentiek.

Je hoeft geen perfecte woorden te vinden. Mensen voelen wanneer je oprecht luistert en echt geïnteresseerd bent in hun verhaal. 

2. Zingeving is veel ruimer dan religie 

Bij het woord ‘zingeving’ denken veel mensen eerst aan geloof of religie. Maar zingeving gaat veel breder. 

Het kan gaan over familie en relaties, over verlies, hoop, identiteit en waarden. Maar ook over de vraag wat iemand belangrijk vindt of wat zijn dag nog betekenis geeft. 

Denk bijvoorbeeld aan een oudere persoon die weinig bezoek krijgt en zich afvraagt: 

“Doe ik er nog toe?” 

Daar hoef je niet altijd met woorden op te antwoorden. Ook kleine handelingen kunnen iemand opnieuw het gevoel geven gezien en gewaardeerd te worden. 

Iemand betrekken bij een kleine taak, vragen naar wat hij of zij belangrijk vindt of bewust tijd maken voor persoonlijk contact: ook dat kan bijdragen aan zingeving. 

3. “Maar is dat niet de taak van een pastor?” 

Een pastor of andere deskundige kan een belangrijke rol spelen bij complexe zingevingsvragen. Maar dat betekent niet dat elke vraag onmiddellijk moet worden doorverwezen. 

Zorgverleners en vrijwilligers staan vaak dicht bij patiënten en hun naasten. Daardoor kunnen zij belangrijke signalen als eerste opmerken. 

Volgens Katrien is het daarom belangrijk om als zorgverlener je ‘voelsprieten’ voor zingeving te ontwikkelen: leren herkennen wanneer een vraag over meer gaat dan alleen het praktische of medische probleem. 

Je hoeft daarvoor geen specialist te zijn. 

Wel helpt het om basisvaardigheden te hebben om zo’n gesprek te openen, te luisteren en te weten wanneer extra ondersteuning nodig is. 

Verpleegkundigen, zorgkundigen, artsen, kinesisten, psychologen, sociaal werkers, vrijwilligers … allemaal kunnen ze met zingevingsvragen in contact komen. 

Zoals Katrien het zelf zegt: 

“Welke schort je ook draagt, jij kan het verschil maken.” 

Leren omgaan met zingevingsvragen 

Hoe herken je een zingevingsvraag? Wat maakt zo’n gesprek anders? Welke valkuilen zijn er? En hoe kan je ruimte maken wanneer een gesprek vastloopt? 

Op 16 oktober 2006, tijdens de vorming ‘Help, wat moet ik zeggen? Omgaan met zingevingsvragen’ gaat Katrien Cornette samen met de deelnemers dieper in op deze vragen. 

Je maakt kennis met vier kenmerken van zingevingsvragen: traagheid, ambivalentie, raadselachtigheid en gerichtheid op waarden. Aan de hand van casussen, geschreven gesprekken en korte filmfragmenten bekijkt ze welke houding en vaardigheden kunnen helpen. 

Je krijgt ook concrete tips die je kan meenemen naar je eigen praktijk. 

Voor zorgverleners en vrijwilligers die mensen met palliatieve zorgnoden begeleiden. 

Meer info en inschrijven via deze link.

Palliatieve zorg bij dementie: begin het gesprek vroeger dan je denkt

Palliatieve zorg bij dementie: begin het gesprek vroeger dan je denkt

Wanneer begint palliatieve zorg bij iemand met dementie? Pas wanneer de laatste levensfase dichtbij komt? Volgens Marijke Tholen, deskundige bij Pallion, mogen we daar veel vroeger bij stilstaan. 

“Palliatieve zorg kan eigenlijk veel vroeger starten dan men denkt.” 

Dementie is een ongeneeslijke en progressieve aandoening. Daarom kan er vanaf de diagnose al aandacht zijn voor een palliatieve benadering, naast de andere zorg die iemand krijgt. Dat betekent niet dat het gesprek enkel gaat over het levenseinde. Het betekent vooral dat we tijdig kijken naar wat voor iemand belangrijk is. 

Wat geeft iemand kwaliteit van leven? Welke zorg past bij zijn of haar wensen? En wie mag later mee beslissingen nemen als iemand dat zelf niet meer kan?

Praten wanneer het nog kan 

Bij dementie verandert de mogelijkheid om te communiceren en beslissingen te nemen geleidelijk. In een verder stadium kan iemand moeilijker vertellen wat hij voelt, nodig heeft of wenst. Pijn, angst of ongemak kunnen zich bijvoorbeeld tonen via onrust, ander gedrag of meer teruggetrokken zijn. 

Net daarom is vroegtijdige zorgplanning zo belangrijk. 

“Begin het gesprek over het levenseinde vroeger dan je denkt. Wacht niet tot de persoon met dementie niet meer kan vertellen wat belangrijk is.” 

Marijke bedoelt daarmee niet dat alles onmiddellijk na de diagnose besproken en beslist moet worden. Ook het verwerken van een diagnose vraagt tijd. Wel is het belangrijk om het gesprek niet uit te stellen tot een crisismoment. 

Vroegtijdige zorgplanning is bovendien geen eenmalig gesprek. 

“Een gesprek over vroegtijdige zorgplanning doe je niet één keer. Het is een proces dat meegroeit met de persoon en met de ziekte.” 

Wensen en verwachtingen kunnen veranderen. Daarom is het belangrijk om er regelmatig opnieuw over te spreken.

Kijk naar de persoon achter de diagnose 

Wanneer iemand zelf steeds moeilijker kan vertellen wat hij nodig heeft, wordt zijn levensverhaal nog belangrijker. 

“Ik denk dat het vooral belangrijk is om terug te gaan naar het levensverhaal. Wat is voor die persoon altijd belangrijk geweest? Hoe stond iemand vroeger in het leven? Dat helpt ons om beter te begrijpen wat iemand vandaag nodig heeft.” 

Was iemand altijd graag onder de mensen? Of had hij juist veel behoefte aan rust? Welke activiteiten, gewoontes of contacten waren belangrijk? 

Door die persoon te kennen, kunnen zorgverleners en naasten gedrag en behoeften beter begrijpen. Marijke vat het eenvoudig samen: 

“Kijk naar de persoon achter de diagnose.”

Ook mantelzorgers hebben ondersteuning nodig 

Familie en mantelzorgers spelen tijdens het dementieproces een belangrijke rol. Wanneer iemand zijn wensen niet meer zelf kan uitdrukken, kennen zij vaak zijn geschiedenis, waarden en voorkeuren. 

Maar dementie vraagt ook veel van hen. Marijke omschrijft het als een rouwproces dat al vroeg kan beginnen: 

“Vanaf de diagnose begint voor mantelzorgers eigenlijk al een rouwproces. Je moet verschillende keren afscheid nemen van die persoon. In de laatste levensfase kan het zelfs gebeuren dat iemand zijn mantelzorger niet meer herkent. Dat maakt het heel moeilijk voor iemand die al zo lang voor die persoon zorgt.” 

Daarom kijken we niet alleen naar de patiënt. Ook de draagkracht en noden van mantelzorgers verdienen aandacht. Hebben zij voldoende ondersteuning? Kunnen ze af en toe tijd voor zichzelf maken? Waar halen ze energie uit? 

Marijke hoort vaak dat mantelzorgers veel steun vinden bij lotgenoten. Ze begrijpen elkaars situatie en kunnen ervaringen en tips uitwisselen.

 

Pallion kan patiënten, naasten en betrokken zorgverleners hierin begeleiden. Toch merkt Marijke dat palliatieve ondersteuning bij dementie vandaag soms pas laat wordt ingeschakeld. 

“We worden vaak pas ingeschakeld wanneer de patiënt zich in het laatste stuk van het dementieproces bevindt. Dan zijn gesprekken met de patiënt zelf vaak al heel moeilijk. Daarom zou ik zeggen: begin het gesprek vroeger dan je denkt.” 

Naar aanleiding van Wereld Alzheimer Dag op 21 september willen we daarom één boodschap extra benadrukken: wacht niet tot de laatste levensfase om het gesprek te beginnen over wat voor iemand belangrijk is. Door vroeger het gesprek te beginnen, krijgen de wensen en waarden van de persoon met dementie meer ruimte in de zorg.

Meer weten of ondersteuning nodig? 

Heb je als patiënt, naaste of zorgverlener vragen over palliatieve zorg bij dementie? Pallion staat klaar om mee te denken, advies te geven en te ondersteunen. Voor vragen over patiëntenzorg kan je bellen naar 011 81 94 74.

Voor zorgverleners die zich verder willen verdiepen: 

De gratis e-learning ‘Pijn bij dementie – als gedrag méér zegt dan woorden’ helpt zorgverleners om pijnsignalen bij mensen met dementie beter te herkennen en te begrijpen. 

→ Volg hier op je eigen tempo de gratis e-learning “Pijn bij dementie”

In 2027 organiseren Pallion en Expertisecentrum Dementie Contact samen de studienamiddag ‘Als woorden vervagen, wie spreekt dan? Over dementie, palliatieve zorg en samen beslissen’. We staan stil bij palliatieve zorgnoden, communicatie en samen beslissen wanneer dementie verder evolueert. 

→ Schrijf je nu in voor de studienamiddag over dementie en palliatieve zorg op 7 oktober 2027

Op 14 oktober 2027 organiseert Pallion ook de vorming ‘Palliatieve zorg bij psychische kwetsbaarheid’ door dr. Ilse Decorte. Je krijgt er concrete handvatten rond onder andere pijnbeleving, lichamelijk en psychisch lijden, crisisgedrag, autonomie en moeilijke beslissingen rond behandeling. De vorming vindt plaats op 14 oktober 2027 in Genk. 

→ Bekijk de vorming Palliatieve zorg bij psychische kwetsbaarheid 

Palliatief forfait

Palliatief forfait: wat is het en waarom is het een actueel onderwerp?

Wie palliatieve zorg thuis krijgt, heeft vaak extra kosten. Denk aan medicatie, verzorgingsmateriaal of hulpmiddelen. Om een deel van deze kosten op te vangen, bestaat het palliatief forfait. 

Het palliatief forfait is een financiële tegemoetkoming voor palliatieve patiënten die thuis verzorgd worden. Het is bedoeld voor kosten voor geneesmiddelen, verzorgingsmateriaal en hulpmiddelen die de patiënt zelf geheel of gedeeltelijk moet betalen. 

Wie heeft recht op het palliatief forfait? 

Volgens het RIZIV moet een patiënt aan verschillende voorwaarden voldoen. Zo moet de ziekte onomkeerbaar zijn, moet de algemene toestand ernstig achteruitgaan en mag geen enkele behandeling de toestand nog verbeteren. 

Een belangrijke voorwaarde is dat de patiënt een levensverwachting van maximaal drie maanden heeft. Daarnaast moet er een belangrijke zorgnood zijn en moet de patiënt de intentie hebben om thuis te sterven. 

Het bedrag van het forfait wordt jaarlijks geïndexeerd. Als de patiënt na 30 dagen na de aanvraag nog in leven is, kan één verlenging worden aangevraagd. 

Wie het palliatief forfait ontvangt, heeft ook recht op andere voordelen. Zo moet de patiënt geen remgeld betalen voor huisbezoeken van de huisarts en voor bepaalde thuisverpleging en kinesitherapie aan huis. 

Hoe vraag je het aan? 

De huisarts vraagt het palliatief forfait aan. Hiervoor vult de huisarts het formulier ‘Medische kennisgeving’ in en bezorgt dit aan de adviserend arts van het ziekenfonds van de patiënt. 

Als de patiënt aan de voorwaarden voldoet, betaalt het ziekenfonds het forfait rechtstreeks aan de patiënt. 

Denk je als patiënt, naaste of zorgverlener dat iemand hiervoor in aanmerking komt? Dan is het belangrijk om dit tijdig met de huisarts te bespreken. 

Waarom is het palliatief forfait nu in het nieuws? 

Op 5 september 2026 kwam het palliatief forfait opnieuw in de actualiteit. De discussie gaat vooral over één belangrijke vraag: komt de financiële ondersteuning vandaag niet te laat? 

Volgens de huidige regels moet een patiënt een levensverwachting van maximaal drie maanden hebben om het palliatief forfait te kunnen krijgen. Palliatieve zorg kan echter veel vroeger starten. 

Daarom diende federaal parlementslid Els Van Hoof (cd&v) op 23 maart 2026 een wetsvoorstel in om deze voorwaarde aan te passen. Het voorstel wil de maximale levensverwachting uitbreiden van drie maanden naar één jaar. 

Het doel is om patiënten vroeger toegang te geven tot financiële ondersteuning voor hun palliatieve thuiszorg. Zo zou het palliatief forfait beter aansluiten bij de huidige visie op palliatieve zorg, waarbij niet alleen de levensverwachting, maar vooral de zorgnoden en levenskwaliteit van de patiënt belangrijk zijn. 

Wat verandert er nu? 

Voorlopig niets. Het wetsvoorstel is nog niet goedgekeurd. Vandaag blijven de bestaande voorwaarden van het RIZIV gelden. Voor het palliatief forfait blijft een levensverwachting van maximaal drie maanden dus één van de voorwaarden. 

Palliatieve ondersteuning kan wél vroeger starten 

Het palliatief forfait en palliatieve ondersteuning zijn niet hetzelfde. Je hoeft niet te wachten tot de laatste drie levensmaanden om hulp te vragen. 

Wanneer duidelijk wordt dat een patiënt niet meer kan genezen, kan Pallion al ondersteuning bieden. Ons team begeleidt mensen met een ongeneeslijke aandoening en helpt om de best mogelijke levenskwaliteit te behouden. 

Deze ondersteuning is gratis voor patiënten, naasten én zorgverleners. Pallion kan onder andere meedenken over zorgnoden, symptoomcontrole, psychosociale ondersteuning en vragen rond het levenseinde. We werken daarbij samen met de huisarts en andere betrokken zorgverleners. 

Wacht dus niet op de aanvraag van het palliatief forfait om ondersteuning te zoeken. Palliatieve zorg kan vroeger beginnen en Pallion kan vanaf dat moment mee ondersteunen. 

Officiële bronnen 

RIZIV – Palliatief forfait  

Actuele informatie over de voorwaarden, aanvraag, verlenging en bijkomende voordelen van het palliatief forfait. 

Belgische Kamer van volksvertegenwoordigers – DOC 56 1438/001 

Wetsvoorstel ingediend op 23 maart 2026 om de maximale levensverwachting voor het palliatief forfait uit te breiden van drie maanden naar één jaar. 

Dit artikel geeft de situatie weer op 11 september 2026. Het wetsvoorstel is op dat moment nog niet goedgekeurd. 

om palliatieve patiënten comfortabel te houden

Hittegolf en palliatieve zorg: 5 praktische tips voor warme dagen

Wanneer de temperatuur stijgt, krijgt iedereen het warmer. Maar voor mensen in de palliatieve fase kan een hittegolf extra belastend zijn. Door ziekte, verminderde mobiliteit of een kwetsbare gezondheid kunnen zij warmte minder goed verdragen.

Gelukkig kunnen enkele eenvoudige maatregelen een groot verschil maken voor het comfort en de levenskwaliteit. We delen graag vijf praktische tips voor mantelzorgers, familieleden en zorgverleners.

1. Kies voor lichte kleding

Lichte, losse kleding uit katoen helpt het lichaam om warmte beter kwijt te raken. Vermijd dikke of synthetische stoffen die warmte vasthouden.

Comfortabele kleding kan ervoor zorgen dat iemand zich minder benauwd of ongemakkelijk voelt.

2. Zorg voor voldoende verkoeling

Een nat washandje op het voorhoofd, de nek of de armen kan aangenaam verfrissen. Ook een lauwe douche of een lauw voetbad kan helpen om de lichaamstemperatuur op een zachte manier te verlagen.

Gebruik liever geen ijskoud water. Dat kan onaangenaam aanvoelen en is niet altijd de beste manier om af te koelen.

3. Zorg voor voldoende vocht

Warm weer verhoogt het risico op uitdroging. Zorg daarom voor voldoende hydratatie.

Sommige patiënten mogen om medische redenen minder drinken. Volg daarom steeds het advies van de behandelende arts of verpleegkundige.

Heeft iemand last van een droge mond? Dan kunnen goede mondzorg en eventueel geschaafd ijs extra verlichting geven.

4. Verzorg de huid

Warme dagen kunnen de huid sneller uitdrogen. Een goede huidverzorging helpt om de huid soepel te houden en irritatie te voorkomen.

Controleer regelmatig de huid en gebruik indien nodig een hydraterende crème.

5. Hou de kamer koel en zorg voor voldoende rust

Een koele leefomgeving maakt warme dagen draaglijker. Sluit overdag ramen, gordijnen of rolluiken wanneer de zon naar binnen schijnt. Verlucht pas wanneer de buitentemperatuur daalt, bijvoorbeeld ’s avonds of ’s nachts.

Koel de ruimte indien nodig met een ventilator of airco, maar vermijd dat koude lucht rechtstreeks op de patiënt wordt gericht.

Warme dagen vragen bovendien veel energie. Voorzie daarom voldoende rustmomenten en vermijd onnodige inspanningen tijdens de warmste uren van de dag.



Wanneer moet je extra alert zijn?

Tijdens een hittegolf is het normaal dat iemand sneller moe is. Toch kunnen sommige klachten wijzen op oververhitting of uitdroging.

Hou rekening met de levensfase waarin de patiënt zich bevindt.

Neem contact op met de huisarts, thuisverpleegkundige of de palliatieve thuiszorgequipe wanneer een patiënt:

  • moeilijk of bijna niet meer drinkt;
  • opvallend suf of verward wordt;
  • koorts krijgt of erg warm aanvoelt;
  • duizelig wordt of moeilijk wakker te krijgen is;
  • zich duidelijk minder goed voelt dan gewoonlijk.

Twijfel je? Neem contact op met je zorgverlener(s).


Comfort staat centraal

Palliatieve zorg draait om levenskwaliteit. Ook tijdens een hittegolf kunnen kleine aanpassingen een groot verschil maken voor het comfort en de levenskwaliteit van een patiënt.

Zorg je voor iemand in de palliatieve fase en heb je vragen of twijfel je over de zorg? Het team van Pallion denkt graag met je mee.

📞 011 81 94 74

nappy-QiTp5N8O9YI-unsplash

Nieuwe honoraria ondersteunen huisartsen bij vroegtijdige palliatieve zorg

Sinds 1 juni 2026 zijn er twee nieuwe forfaitaire honoraria beschikbaar voor huisartsen die palliatieve zorgnoden tijdig herkennen en opvolgen. Met deze maatregel wil het RIZIV huisartsen extra ondersteunen in hun cruciale rol binnen de palliatieve zorg.

Vroegtijdige palliatieve zorg draagt bij aan een betere levenskwaliteit voor patiënten en hun naasten. Het tijdig herkennen van palliatieve zorgnoden maakt het mogelijk om zorg beter af te stemmen op de wensen en behoeften van de patiënt.

Nieuwe honoraria voor identificatie en opvolging

Eerste evaluatie van palliatieve zorgnoden

Nummer 107693

Wanneer een patiënt via de PICT (Palliative Care Indicator Tool) als palliatief wordt geïdentificeerd, kan de huisarts een forfaitair honorarium aanrekenen voor een eerste evaluatie van de palliatieve zorgnoden. De PICT is een eenvoudige en praktische tool die huisartsen ondersteunt bij het tijdig herkennen en identificeren van patiënten met palliatieve zorgnoden. Dit honorarium kan éénmalig worden aangerekend.

Opvolging van zorgnoden

Nummer 107715

Daarnaast werd een tweede honorarium ingevoerd voor de verdere opvolging van deze zorgnoden. Dit honorarium kan éénmalig worden aangerekend, ten vroegste drie maanden na de eerste evaluatie.

Bestaand honorarium voor Advance Care Planning

Advance Care Planning (ACP)

Nummer 103692

Sinds 1 november 2022 bestaat een forfaitair honorarium voor huisartsen die Advance Care Planning (ACP) opstarten en opvolgen bij patiënten die als palliatief zijn geïdentificeerd met behulp van de Palliative Care Indicator Tool (PICT).

Advance Care Planning is een continu proces waarbij wensen, waarden en voorkeuren van de patiënt besproken, vastgelegd en opgevolgd worden. Het helpt om zorg af te stemmen op wat voor de patiënt belangrijk is, ook wanneer de gezondheidstoestand verder evolueert.

Deze nieuwe honoraria 107693 en 107715 vormen een aanvulling op het bestaande honorarium 103692 en onderstrepen het belang van een vroegtijdige identificatie, zorgplanning en opvolging van patiënten met palliatieve zorgnoden.

Met deze regeling wordt de rol van de huisarts in de palliatieve zorg verder versterkt. Tijdig aandacht besteden aan zorgnoden en wensen van patiënten draagt bij aan een betere levenskwaliteit en ondersteunt zorg op maat.

Meer informatie over de honoraria, voorwaarden en toepassingsregels vindt u op de website van het RIZIV. Voor ondersteuning rond palliatieve zorg en Advance Care Planning kunt u ook terecht bij Pallion.

.

Wilt u uw expertise in palliatieve zorg verder versterken?

Palliatieve zorg vraagt niet alleen medische kennis, maar ook vaardigheden rond communicatie, symptoomcontrole, vroegtijdige zorgplanning en samenwerking met patiënten, naasten en andere zorgverleners.

Daarom biedt Pallion, samen met haar partners, verschillende vormingsmogelijkheden voor artsen aan:

  • Basisopleiding Palliatieve Zorg voor Artsen (10 oktober 2026) – een zesdaagse verdiepende opleiding in samenwerking met Palliatieve Zorg Vlaanderen.
  • Webinars voor artsen – korte online sessies rond actuele thema’s binnen de palliatieve zorg.
  • CRA-symposium (21 november 2026) – jaarlijkse studiedag met aandacht voor palliatieve zorg in woonzorgcentra en de rol van de CRA.
  • Intervisiereeks voor artsen (30 September 2026) – bespreek praktijkervaringen, vragen en casussen met collega-artsen onder begeleiding van een ervaren intervisor.

Ontdek deze en andere vormingen op vorming.pallion.be.